Waarom ik werk

20-03-2019

Wij krijgen best vaak de vraag waarom ik eigenlijk nog werk. Van buitenaf snap ik deze vraag maar soms is het wel frustrerend om het steeds weer te moeten uitleggen. Dus ik dacht, ik schrijf er even een stukje over.



Ik werk fulltime, en mijn man werkt niet. Toen ik zwanger was van Izabella hebben we besloten dat hij thuis zou blijven met de kinderen en de zorg op zich zou nemen totdat ze naar de basisschool gaan. Mijn man heeft altijd de wens gehad, na de eerste, om meer thuis te zijn. Hij heeft veel gemist van Elyza, toen hij nog fulltime werkte. Dus de beslissing om het zo te doen was heel snel gemaakt. Stel hij zou nu gaan werken, zal hij al fulltime moeten gaan werken om de kinderopvang te kunnen bekostigen. En dat is het ons niet waard, want dit zou betekenen dat ik thuis weer dingen op mij zal moeten nemen als hij aan het werk is en dit is te belastend.

Voordat Izabella er was ging het lichamelijk nog wel beter met mij, maar ik kon alsnog vrij weinig met Elyza. Dingen als naar de peuterspeelzaal brengen, luiers verschonen of haar op bed leggen gingen al niet meer. Sindsdien is er steeds meer zorg bijgekomen die mijn man op zich neemt, zorgen voor de jongste natuurlijk, maar ook persoonlijke verzorging van mij. Zo kan ik bijvoorbeeld niet meer boven mijn macht reiken, en helpt hij bij dingen pakken of aankleden. Ook het huishouden probeert hij zo goed mogelijk te doen, al is het wel het eerste wat blijft liggen. Want de meeste tijd gaat op aan de kinderen en al het regelwerk.

Het was nooit de bedoeling dat ik thuis zou blijven met de kinderen, ook voordat ik de diagnose kreeg. Ik ben daar niet voor gemaakt. Ik heb gestudeerd om leuk werk te gaan doen, niet om dan als ik kinderen krijg thuis te gaan zitten. Ik respecteer mensen die wel deze keuze maken, maar het is niets voor mij. Ik moet bezig zijn met mijn hoofd. Dus ook nu het lichamelijk slechter gaat, juist nu, moet ik bezig blijven. Het geeft mij rust, een bezigheid en een uitdaging. En al kost het veel energie, ik krijg er meer energie voor terug. Ik ben blij met de flexibiliteit van mijn werkgever, dat het mogelijk is om thuis te werken wanneer het nodig is en dat ik veel zelfstandigheid heb. In het weekend of tijdens vrije dagen vind ik het soms lastig, juist dan word ik geconfronteerd met alles wat ik niet meer kan, en daar word ik geen leuker mens van. Toekijken terwijl mijn kinderen druk bezig zijn, niet kunnen ingrijpen, niet kunnen meedoen, dat is lastig. Als de jongste een poepluier heeft, deze niet zelf kunnen verschonen maar mijn man moeten roepen. Of als ze aan komt lopen met haar schoentjes, deze niet aan kunnen doen. De afhankelijkheid. Dus laat mij maar lekker werken. Dat is fysiek en emotioneel een stuk minder belastend dan thuis zitten en niks kunnen doen.

En straks, als de kinderen allebei op school zitten kijken we wel weer verder of mijn man weer kan gaan werken tijdens schooltijden, al is het maar om weer even bezig te zijn met iets anders en wat meer tijd voor zichzelf kan nemen. Ik ben voorlopig niet van plan om minder te gaan werken en vandaar dat het heel belangrijk is dat ik straks zelfstandig naar kantoor kan rijden en mijn rolstoel mee kan nemen. Want dit zou zo fijn zijn. Maar juist omdat ik werk, en net boven de inkomensgrens van UWV zit, heb ik geen recht op een vervoersvoorziening. Dat maakt het zo ontzettend zuur.